Mijn Nederland

Dit is een ode aan het mooiste moeras op aarde.

Mijn Nederland is een wereldwonder,
Zonder Nederlanders was Nederland gewoon een waterig moeras.
We zijn er wereldberoemd door geworden,
‘God created the world, but the Dutch created the Netherlands.

We zijn gezegend met vier seizoenen, elke drie maanden weer wat nieuws,
Vooral de lente vind ik mooi, waar overal bloemetjes uit de grond komen.
De bomen weer langzaam groen raken,
En nieuw leven ontstaat.

Nederlanders aanbidden maar één god en dat is de zon,
Terwijl toeristen in dikke jassen lopen trekken wij onze korte broek aan.
Na elke winter doen we massaal een biertje bij de eerste lentezon,
Lekker op het terras, in het park, op de stoep, wij genieten.

Als geen ander weten wij wat gezelligheid is, het is zelfs niet te vertalen,
Het is een gevoel van verbinding, van gelach en comfort.
Overal waar wij komen, proberen we het wat gezelliger te maken,
Lekker bij familie, bij vrienden en vriendinnen, of op werk.

Eigenlijk zijn wij best wel speciaal,
Zo’n klein landje maar zo ontzettend veel talent.
Schaatsen, zwemmen, voetbal, hockey en ga zo maar door.
Vooral het gevoel van voetbal vind ik zelf altijd zo leuk.

Uit volle borst zingen we het Wilhelmus, volledig in oranje,
Ondanks dat we altijd de underdog zijn, hopen we elke pot weer.
Het gevoel van verbondenheid op het WK van 2010 en 2014 was geweldig,
Waar je ook komt kennen ze Robben, Van Persie en Van Der Sar.

Gezellig bij familie voetbal kijken, met een Heineken in de hand,
Hier zo normaal, in de rest van de wereld zo speciaal.
‘Doe maar normaal, dan doe je al gek genoeg’,
Toch zijn er weinig voetbalfans die zo gek doen als wij.

We doen eigenlijk best veel gekke dingen,
Lekker uitwaaien op het strand terwijl het stormt.
Lekker in een kring zitten op verjaardagen,
Lekker hagelslag met pindakaas.

Toch is het zo lekker om weer thuis te komen in Nederland,
Flinke frikandel, knapperige kroket of kokend hete kaassoufflé.
Bitterballen met mosterd voor de sfeer,
Pakje drop in de auto voor de smaak.

Nergens doe je boodschappen als bij de Appie met je App,
Als tiener geld verdienen in de kas, supermarkt of als bezorger.
Lekker zorgeloos op straat hangen met een energy en roze koek,
Elk schoolfeest naar de klote met wat breezers.

Vanaf jongs af aan leren we dat we moeten werken voor ons geld,
Zakgeld krijgen we voor de sier, als je echt wat wilt moet je het verdienen.
Als geen ander volk of aarde zien wij mogelijkheden en gaan aan de slag,
Ook onze werk-ethiek is bekend: ‘Niet lullen maar poetsen’.

Daarnaast zijn we ook speciaal in het omgaan met elkaar,
In mijn Nederland is de minderheid net zo belangrijk als de rest.
Maakt het niet uit waar je in gelooft,
En kan je gewoon zijn wie je bent.

In mijn Nederland heb je respect voor je medemens.
Help je elkaar waar nodig,
Laat je anderen in hun waarde,
En vecht je voor gerechtigheid.

In mijn Nederland is er geen racisme,
geen homofobie of discriminatie.
In mijn Nederland sta je open voor andere culturen,
Ben je tolerant en nieuwsgierig naar mensen die anders denken.

In mijn Nederland zijn mensen niet bang te zeggen wat ze vinden,
Daar zijn ze heel direct en is eerlijkheid een groot goed.
Nederlanders komen op voor zichzelf en zullen dat altijd blijven doen,
Wij geven niet zoveel over wat anderen van ons vinden.

Mijn Nederland is een heel speciaal landje,
En haar inwoners een bevolking om trots op te zijn.
Daarom zal ik het nooit accepteren,
Als iemand mijn Nederland probeert kapot te maken.

Ben je het met mij eens dat ons Nederland heel speciaal is?
Deel dan deze blog en herinner anderen hoe bijzonder ons moeras is.


Links tegen Rechts?

Gisteren werd het Forum voor Democratie de grootste partij, ook Groenlinks groeide veel, terwijl de zoals Baudet genoemde kartel-partijen zetels verloren. Nederlanders zijn klaar met de status quo; de corruptie, machtsmisbruik en oneerlijkheid. Toch lijkt Nederland ook steeds meer verdeeld te raken tussen links en rechts, steeds extremer. In deze blog betoog ik voor de sociaal-democratie om ons weer te verbinden. Ik schreef dit voor mijzelf na de landelijke verkiezingen maar is nog net zo relevant als de verkiezingen van gister.

Gerechtigheid, gemeenschappelijkheid en verantwoordelijkheid. Moed, integriteit en daadkracht. Tolerantie, eerlijkheid en gelijkheid. Dit zijn de waarden van links die van waarde zijn. Misschien nu wel meer dan ooit. Meer dan ooit heeft Nederland behoefte aan een leider die handelt naar deze waarden. Die als de vlaggendrager van de sociaaldemocratie de bevolking weer weet te inspireren met de ideologie die ons land zo gelukkig en welvarend heeft gemaakt na de Tweede Wereldoorlog.

Want ondanks dat links zich kan beroepen op deze waarden hebben we de slag verloren. Nooit eerder waren we zo slecht vertegenwoordigt in de tweede kamer. Zelden is de sociaaldemocratische partij zo genadeloos afgestraft. Deze afstraffing leert ons de les dat waarden betekenisloos zijn zonder geloofwaardigheid. Wat er ook voor mooie woorden in een partijprogramma staan of worden gebruikt in campagne retoriek, daden spreken luider dan woorden.

Nederlanders zijn niet dom, het zijn goede eerlijke mensen die het beste voorhebben met hun medemens, met hun natie en met de wereld. Ze zijn voorvechters van het recht, vrede en welvaart. Maar ze zijn ook ontevreden. Zodra ze ook maar een greintje onraad ruiken of hypocrisie zien, worden ze sceptisch. Deze ontevredenheid heerst al een langere tijd en is de reden dat het politieke spectrum naar rechts is verschoven. Laten we daarom kijken naar waar die ontevredenheid vandaan komt en waarom rechts daar tot nu toe het meest gebruikt van heeft weten te maken. Laten we achterhalen waarom de linkse waarden geen gehoor hebben gevonden in de maatschappij. 

We hebben veel geleerd van de eerste helft van de 20e eeuw en waren vastbesloten dit nooit meer te laten herhalen in Europa. We hervormden onze economie zodat er minder ongelijkheid zou zijn, zodat onze burgers sterke rechten zouden hebben en maatschappelijke problemen eerlijk zouden worden opgelost. De overheid speelde een sterke rol in de markt.

Tot we rond de jaren 70 (90 in Nederland) besloten dat dit niet meer de meest efficiënte  manier was. We besloten de markt weer de vrije loop te laten en begonnen aan het neoliberalisme. We geloofden weer in de mythe van de ‘trickle down economy’, dat de weelde van de allerrijksten naar beneden zou vloeien en zo de algemene gemeenschap ten goede zou komen (panama papers?). We vergaten dat er een sterke menselijke emotie de op papier zo eerlijke vrije markt corrumpeert: hebzucht. We gaven de werkgevers en de aandeelhouders weer de macht terwijl de werknemers en hun vakbonden de macht verloor.

Het resultaat? Een gigantische groei in welvaart. Maar voor wie? De allerrijksten en de grote bedrijven zijn veel rijker geworden, terwijl de meeste lonen relatief gelijk zijn gebleven. Ondertussen is de productiviteit gestegen zonder gelijkwaardige groei in lonen. De ongelijkheid is weer gaan toenemen. Banken konden weer een gigantische financiële bubbel creëren die klapte en leidde tot de kredietcrisis. Om een catastrofe te voorkomen werden diezelfde banken gered met belasting geld, ons geld, en zijn er jaren lang bezuinigt om de zaken weer op orde te krijgen. Maar niet zonder gevolgen.

De volstrekt logische ontevredenheid van de Westerse bevolkingen gaf ruimte aan politici die de ‘ander’ de schuld gaven. In plaats van naar het vuur van het neoliberalisme te wijzen, lag de focus op de rook van immigranten. In Nederland was de eerste verzetsstrijder Pim Fortuyn. Een linkse milieuactivist vermoorde hem en maakten daarmee zijn persoon en ideeën legendarisch. Geert Wilders stapte in zijn voetsporen en heeft zijn boodschap de afgelopen jaren verkondigt. Nog steeds bleef het daadwerkelijke probleem, het neoliberalisme, de ontevredenheid vergroten en vond de boodschap dat de buitenlanders de oorzaak waren van onze problemen groot gehoor.

Dat niet alleen in Nederland maar in veel andere landen in het Westen dezelfde problemen spelen werd duidelijk met de Brexit. Niet lang daarna werd Donald Trump tot president gekozen. Het moment voor Geert Wilders leek te zijn aangebroken. Al tijdens de campagnes werd duidelijk dat de gehele immigratie kwestie en bijbehorende waarden zoals tolerantie naar rechts waren verschoven. De idealisten schaarden zich achter Jesse Klaver maar net zoals in Groot-Brittannië en de Verenigde Staten werd het duidelijk dat de kloof tussen links en rechts aan het vergroten was. Als eerste Europese verkiezing werd Nederland vol spanning gevolgd. Zou het populisme overwinnen?

Uiteindelijk greep Geert Wilders maar net mis, dankzij het handelen van onze premier Mark Rutte. Misschien heb ik het mis, maar ik vermoed dat het toenmalige kabinet met Mark Rutte als premier en Lodewijk Asscher als zijn vicepremier wisten dat ze gingen verliezen. Maar de politiek, de publieke opinie, is pragmatisch en beïnvloedbaar. Met een gecalculeerde gok trad Mark Rutte opeens zeer extreem op tegen de Turkse minister. De gok werkte.

Op het laatste moment wist Rutte de ontevreden stemmers naar zich toe te trekken die in Rutte toch de premier zagen die handhandig tegen de buitenlandse en islamitische invloeden zou kunnen optreden. De premier wist zich te redden, maar zijn partner in crime ging genadeloos ten onder. Het leek haast alsof Rutte zich schaamde zodra hij later die avond aan de tafel zat en Lodewijk nauwelijks in de ogen durfde aan te kijken. Maar het doel heiligde de middelen; Geert Wilders was verslagen.

Toch is ook dit weer een korte termijn oplossing. Het neoliberalisme heeft in Europa dit jaar de strijd weten de winnen van het populisme, maar het is het neoliberalisme dat de oorzaak is van de onvrede, van de groeiende ongelijkheid en maatschappelijke problemen. De verzetsheld Geert Wilders mag dan hebben verloren, zijn boodschap is overgenomen en steeds meer geaccepteerd. De nieuwe verzetsheld Thierry Baudet heeft het stokje overgenomen en is niet voor niets gekozen tot politicus van het jaar dankzij zijn gigantische groei en sterke boodschap tegen de gevestigde orde. Toch is er veel in zijn boodschap dat niet overeen komt met de linkse waarden.

Want waar is links in dit hele verhaal? Hoe kan het dat wij ondanks onze waarden Nederland niet hebben geïnspireerd, met uitzondering van Jesse Klaver. Wellicht waren het de berichten over hoe een vroegere lijsttrekker zijn partij als dictator zou hebben bestuurd. Of dat er bij een wethouderschap een financiële rotzooi zou zijn achtergelaten. Of wellicht dat de PvdA een partij leek te zijn geworden waar het vooral ging om persoonlijk politiek gewin in plaats van de linkse waarden. Misschien wel dat juist de PvdA een hoofdrol heeft gespeeld in dit hele verhaal als bestuurderspartij. Waarschijnlijk zal de oorzaak van het genadeloos verlies zijn geweest dat daden luider spreken dan woorden.

Nederlanders zijn niet dom. Ze hebben het beste voor met hun medemens, hun natie en de wereld. Van nature zullen de eerder genoemde linkse waarden elke Nederlander kunnen inspireren. Maar ze zijn ook ontevreden, en het is die ontevredenheid die ze heeft geleid naar diegenen die roepen dat ze er wat aan gaan doen. Het is onwetendheid die ze heeft laten geloven dat buitenlanders de schuld zijn van hun problemen. Het is het ontbreken van een sociaaldemocratische verzetsheld die hun stem heeft geleid naar rechts. Zolang deze leider met linkse waarden niet zal opstaan, zal of de rechtse populist in aanzien groeien, of het neoliberale probleem verergeren.

Jesse Klaver heeft laten zien dat met passie, hoop en visie veel mogelijk is. Helaas vrees ik dat het politieke spectrum momenteel zo rechts dat de linkse Jesse Klaver niet in staat zal zijn de kloof tussen links en rechts te overbruggen. Alleen de gematigde sociaaldemocraten zullen in staat zijn deze kloof te dichten, en alleen een leider die de linkse waarden weet te manifesteren zal in staat zijn deze monsterlijke taak te voltooien.

Dat is wat links nodig heeft. Een charismatische leider die de linkse waarden verpersoonlijkt. Een leider met het charisma van een Barack Obama die in staat zal zijn het Nederlandse volk te verenigen. Die inziet dat het Nederlandse volk ontevreden is en ook weet waar die ontevredenheid vandaan komt. Die weet wat de werkelijke oplossing is voor het probleem en dit vol passie weet te verkondigen.

Een nieuwe Willem Drees. Een deugdvolle man of vrouw. Integer, eerlijk, democratisch, verantwoordelijk en moedig. Iemand die vol vuur de strijd durft aan te gaan met zijn politieke tegenstanders. Die het gevecht niet schuwt, maar ook weet wanneer deze niet noodzakelijk is. Een sterke persoonlijkheid die luistert naar jong en oud om gebaseerd op advies daadkrachtig wijze besluiten te nemen die goed zijn voor de korte en lange termijn.

Een sterke leider die weet dat we ons land en onze wereld alleen lenen van onze kinderen om het terug te geven met rente. Die hardhandig durft op te treden tegen criminaliteit en onrecht, maar tegelijkertijd probeert het goede in de mens te blijven zien en optimistisch is over de toekomst. Iemand die goed kan luisteren, die geweldloos kan communiceren. Iemand die overdrijving en beledigingen schuwt en zoekende is naar de waarheid.

Iemand die inziet dat alle partijen ergens gelijk hebben, en al die sterke punten weet samen te smelten tot één partijprogramma geïnspireerd door de linkse waarden. Die rechts begrijpt en een hand uitsteekt naar de ontevreden kiezer. Iemand die als persoon heel Nederland weet te inspireren en daarbij de kloof kan overbruggen. Het is deze sociaaldemocraat die met oplossingen zal komen in plaats van problemen.

Het zal deze sociaaldemocratische vlaggendrager zijn die de strijd met het neoliberalisme en populisme zal vernieuwen en de oorlog van ideeën zal winnen onder zijn rode vlag van linkse waarden.

What I learned from a Ugandan dog

13 January 2019

Throughout my internship in Uganda I will stay at an amazing place in Kampala. It had just one problem. One big problem. .

Meet Reca

The big guard dog Reca did not like me from the start. I tried to tap her when I entered the house for the first time and he directly bit me (not hard). I ignored it and moved on.

Unfortunately I got sick the second day and did not get so much out of my room to get used to the dog and the surroundings. When I got out in the evening the dog was suddenly barking at me so left a bit cautious.

The following days the same thing happened. While I tried to hide my caution I started to grow fear that the dog would attack me again. Every time I moved outside, the dog looked at me with suspicion. When I looked her in the eye she started to growl. I experienced that I was getting nervous by having to pass the dog again.

Then yesterday I knew action had to be taken. With breakfast I went outside and started to talk to the dog, all went well. I felt great as I thought I had solved the problem.

When I went shopping with my roommate he started to aggressively bark again at me when I left. On my return he bit me again (not hard) and although I said I was fine, I felt terrible. I felt something I had not felt for a very long time.

Fear.

A very strong and deep fear for that dog attacking me, biting me. I have been bitten hard by a Jack Russell when I was a newsboy at the age of 12 and although usually surpressed it now came back to me.

I texted the owner with the problem and he immediately returned home. He told that the dog was beaten a lot by his former owner when he was young (a white man) and can therefore be fearful of them. While at that moment I felt a really strong fear I was able to overcome it and direcly confront it by giving the dog some peanuts (he loves it) with the owner.

It was a completely different dog, loving and playful. Instead of biting he ate the peanuts out of my hand without any aggression. I fed him peanuts again later that evening and slowly I could overcome that deep sense of fear by focus on the image of him eating out of my hand instead of him staring at me and then attacking.

This morning, the situation was changed completely. I still had some fear left but it dissappeared at the first peanuts. We now trust each other and have become great friends.

What I learned?

That sometimes you are not able to solve things on your own. That it is so good to have friends to help you out when you have a problem.

That everyone have his own story and that sometimes only by sharing it you will be able to understand each other.

That fear can be an extremely unpleasant feeling, but the best way to overcome it is through confrontation and not focussing on the bad things that might happen.

That trust is of extreme importance.

And that peanuts are his favourite snack 😉

Sippi and Bujagali Falls

19 juni 2011

Na mijn week in het Noorden van Uganda waren we van plan via Mbale en Jinja weer naar Kampala te trekken. Het plan was om de Mount Elgon te gaan beklimmen (op 7 na hoogste berg in Afrika – 4,321m) maar dat koste zo’n 70 dollar per dag en kon ik in ieder geval niet meer betalen dus ging helaas niet door! Dus besloten we vooral een relaxte mzungu week te hebben na het primitieve Noorden en de heel erg mooie Sippi Falls te gaan bekijken. Daar is het uiteraard niet bij gebleven en hebben alsnog wat levensgevaarlijke activiteiten beleefd. 

Na een paar dagen in Mbale te hebben geslapen, gegeten, geinternet en weer geslapen zijn we naar de Sippi Falls gegaan waar we weer enorm mooie landschappen hebben kunnen aanschouwen en zijn na wat te hebben geklauterd wat gaan eten en hebben een heel leuke potje monopolie met een plaatselijke dame gespeeld! Helaas was mijn eten (red chili curry/soup) niet echt goed klaargemaakt waar ik die nacht ook achter kwam. Bijna heel de nacht wakker gelegen, heel mijn maag er in zo’n 4 tot 5 sessies kotsen uitgegooid en de ergste diarree die ik ooit heb gehad. Toen de boys (Jur en Tinus) de volgende dag dan ook de enorme mooie wandeling in/om/onder de Sippi falls en omstreken moest ik helaas in bed blijven en heb die hele dag gemist. 

Ook de dag erna in Mbale ben ik nog zwak geweest en de diarree kreeg ik maar niet weg maar door goed te drinken en eten (veel vezels en fruit) en 6 norrits per dag + mezelf wat fitter te maken door weer sit-ups en push-ups te gaan doen kreeg in de voedselvergiftiging al snel onder de hand omdat ik zeker niet voor zo’n lange tijd als Martijn er aan wilde lijden. 

Toen we dan ook donderdag naar Jinja vertrokken was ik weer het mannetje en alhoewel mijn lichaam nog steeds niet hersteld was met volle mentaliteit (en volle zware bepakking) met alles weer meegedaan. In de bus naar Jinja nog een goed gesprek gehad met een man die 3 jaar in Irak had gestreden (onder de Amerikanen) over van alles en nog wat. Ik wist zelf niet dat er Ugandezen in Irak aanwezig waren en omdat ik er normaal gesproken wel goed van op de hoogte ben ga ik daar in Nederland nog eens flink eens over inlezen. 

In Jinja zijn we weer bij Adrift (waar ik mijn allereerste week verbleef) gaan chillen/overnachten waar we twee leuke zwitserse meisjes zijn tegengekomen. Martijn heeft daar ook begungeejumped. De dag erna naar de Bujagali Falls gegaan waar we lekker hebben gezond en gechilled. Daar was ook een of andere atleet (Giovanni) die elke dag alleen maar zwom, kayakte, trainde en volgens mij echt een geweldig leven had. Hij had ook echt een enorm atletisch lichaam en was een van de weinige locals die het aandurfde om in de waterval zelf te springen (met jerrycan). Dat zag er enorm gevaarlijk en onmogelijk uit, DUS moesten ik en Juriaan het ook proberen 🙂 

Je had na de waterval een paar rotsen waar je te pletter tegen werd geslagen als je voor de waterval in het water zou springen maar Giovanni vertelde ons dat als je achter die rotsen het water in zou springen je tegen de stroming richting de rotsen kon zwemmen en zo van rots naar rots kon springen en zwemmen tot het midden van de waterval. Hij deed het eerste een keer voor maar dat zag er echt onmogelijk uit en hij was vooral ONDER water. 

Maar na twee zwemvesten te hebben geregeld wilde we het toch proberen, vooral na de week lang niet meer iets gevaarlijks te hebben gedaan. Giovanni vond dat heel gaaf want er waren nog nooit westerlingen geweest die het hadden aangedurfd. Aangezien ik de eerste was die sprong ben ik dus zelfs de allereerste mzungu die het heeft aangedurfd (dus toch nog ergens de eerste geweest) en zo begon het avontuur waar we achter Giovanni aan naar rots naar rots sprongen, als een bezetene naar de rots toezwommen en er dan met alle macht aan vastklampten. Tot we na 3 jumps in het midden waren gekomen en we in het midden van de stroming konden springen. 

Aangezien er een filmpje van is gemaakt upload ik die want die kan het best omschrijven hoe het was! Het was in ieder geval geweldig 😀 Ik ben na de eerste keer nog 2 keer zelfstandig gegaan maar omdat ik de derde keer in een draaikolk terecht kwam en daar alleen met heel veel moeite uitkwam hield ik het er maar bij, wel flink voldaan. Die avond hebben we nog heel lekker gegeten en zijn toen gaan kingen (bierspel) met een van die zwitserse meisjes wat een bikkel bleek te zijn dus zijn tot een uurtje of 4 bezig geweest, wat ook heel erg leuk was! 

Daarna rustig aan naar Kampala vertrokken, waaruit we dalijk weer vertekken naar Makerere om op een schooltje te werken van Sander waar we tegen accomodatie/voedselkosten huishoudelijke klusjes gaan doen. Ik ga er ook aan locals informatie over inwinnen hoe je het best kan jagen, villen en klaarmaken van wilde dieren want ik wil mijn Afrika avontuur afsluiten met nog een ultieme BUSH-trip. Dat betekend zo nog even pijlen op de markt halen, speerpunt kopen en richting het avontuur (en werk)! 

The WILD

12 juni 2011

Na een week lang enorm veel avonturen te hebben beleefd zit ik dan uiteindelijk in Mbale, in een internetcafe in de meest smerige kleren die je je maar kunt voorstellen (lichtbruine broek die nu donkerbruin is, schoenen met een laag modder waar je u tegen zegt, en ga zo maar door). Ik ben deze week onder andere omsingeld door leeuwen terwijl ik in mijn tentje lag, bijna verpletterd door buffalo’s, in contact gekomen met karamajong, bijna leven verbrand in onze safaribus, heb geslapen naast een van de meest krachtige watervallen ter wereld, en nog vele, vele andere avonturen! 

Misschien zegt de nieuwe profielfoto al genoeg, maar laat ik vanaf het begin beginnen. 

Maandag vertrokken Joriaan, Martijn, ik en onze chauffeur Radjab na een goed advies van Sander (baas van het ICU waar ik de weken hiervoor verbleef) vol enthousiasme richting Murchison Falls National Park. We zouden 7 dagen met onze eigen safaribus en chauffeur richting Noord-Uganda reizen om er avonturen te beleven, Afrika op zijn puurst te zien en flink wat dieren aan ons lijstje toe te kunnen voegen. We hadden flink inkopen gedaan en daar zat uiteraard een fles wiskey tussen 😉 

Onderweg veranderde de natuur al langzamerhand en reden we door enorm mooie landschappen, steeds minder bevolkt en we genoten volop van alles wat we tegenkwamen, hebben de eerste nacht in een soort community van vrouwen geslapen waar we voor de laatste keer goed konden slapen en eten voordat we de dag erna om 11 uur het park in zouden trekken. 

Vol energie dus nog het park ingetrokken waar we een boottrip zouden doen op de nijl tot de waterval. Daarvoor nog even een wandelingetje langs het water gemaakt toen we ons kapot schrokken omdat er opeens een nijlpaard uit het water kwam (en dat zijn samen met buffalo’s de gevaarlijkste dieren in Afrika. Onderweg hebben we enorm veel nijlpaarden, buffalo’s, krokodillen, olifanten, arends etc gezien en de enorme waterval waar het water met een enorme kracht doorheen werd gedrukt. Nog een beetje gezond en toen naar onze kampeerplaats direct naast de waterval gereden. Een enorm gebulder en enorm indrukwekkend om naast zoveel natuurkracht met een eigen kampvuurtje te eten te koken. Het eten was helaas niet te eten (veels te veel zout) maar het lauwe biertje en de smaakte verrukelijk!. Rond een uurtje op 12 gaan slapen maar moesten om 5 uur weer op om een game drive te gaan doen in het park zelf. 

Dat was echt ondanks de mooie landschappen en vele indrukwekkende dieren (luipaarden, olifanten en heel veel antilopes) verschrikkelijk! Je reed in konvooien vol toeristen die foto’s aan het maken waren en je mocht niet uit de auto of van het pad af. Daar hebben we 3 uur rondgereden en moesten toen het park weer uit (we hadden 24 uur) en zijn doorgereden naar Gulu. Ik redelijk gefrustreerd door de totaal niet avontuurlijke game drive zijn we met zijn allen al vroeg naar bed gegaan bij de community (een heel aardig afrikaans gastgezin) waar we verbleven om de volgende ochtend naar Kidepo te rijden. Onze safaribus had er al zo’n miljoen kilometers achter zitten die langzamerhand begon die steeds meer te piepen en kraken op de wegen die steeds slechter werden. Na 8 uur in de meest mooie omgeving die je je maar kunt voorstellen kwamen we in Kidepo aan. Overal hingen zware wolken en omdat je er een heel goed uitzicht had konden we overal bliksem zien wat enorm gaaf was. 

We hebben even geschuild en zijn toen naar onze camping gegaan, er werd ons wel nog verteld dat er leeuwen waren gespot maar we hadden ook onze eigen ranger Daniel met zijn ak-47 bij zich dus maakten ons niet zo druk. Dat was echt een enorme mooie spot met 2 open banda’s (typisch afrikaanse huisjes) en hebben er een heerlijk soepje op ons kampvuur gemaakt. Omdat we veel hadden gereisd zijn we snel gaan slapen en ik zat met Joriaan nog naast het kampvuur met een halfvol biertje toen we een gebrul hoorden. Beide nogal nieuwschierig en vol spanning naar het geluid gelopen met mijn machete toen we opeens 4 paar ogen langs zagen lopen. Vier leeuwen die ongeveer 30 meter van ons kamp aan het jagen waren op een kudde buffalo’s. Flink onder de indruk van het gebrul en de leeuwen zelf zijn we toen gaan slapen zonder te weten welk avontuur ons die nacht stond te wachten. 

Want na een paar uur kwamen de leeuwen eens een kijkje nemen in ons kamp. Onze ranger sliep in een open banda toen die opeens wakker werd van leeuwengebrul en merkte dat er al een leeuw in de opening van zijn banda stond. Hij is de banda aan de achterkant zo snel mogelijk uitgeklommen en is naar de auto gevlucht. Wij zaten ondertussen in ons tentje zonder iets te zien maar wel alles te horen recht overeind met de machte en zakmessen gereed. Ondanks dat ze daarna vertrokken was de kudde buffalo’s zo verstandig te gaan grazen op onze campsite. Dus weer recht overeind terwijl we overal om ons heen gegraas en ademhaling van het (samen met de nijlpaard) meest gevaarlijke dier in Uganda horen en weten dat er leeuwen op ze aan het jagen zijn. Als de leeuwen op dat moment de buffalo’s in paniek hadden weten te krijgen hadden wij het niet overleefd omdat we zouden zijn vertrappeld. Toen de buffalo’s uiteindelijk waren vertrokken kwamen de leeuwen nog eenmaals langs met een enorm gebrul en wij deden het inmiddels bijna in onze broek. We zijn toen heel voorzichtig de tent gaan openmaken en met machete en zakmessen uit de tent gekropen. Inmiddels was er toen niks meer te zien dus ben ik een long call gaan doen een stukje verderop. Je hebt hier short calls (pissen) en dan long calls (je raad het al). En ben toen eindelijk in slaap gevallen. 

De volgende morgen werden we gewekt door de Ranger dat omdat de leeuwen voor onze campsite lagen (een paar meter van mijn long call) en daar lagen te chillen (overdag zijn leeuwen enorm lui) dus het bleek dat ik die nacht echt naast tussen leeuwen te hebben geslapen ook nog eens een long call had gedaan 😛 

Zijn die dag heel de dag rond het enorm mooie kamp gaan rijden maar helaas had Martijn een voedselvergiftiging opgelopen en daar moesten we medicijnen voor halen. Daar zijn we nog op kamarajong gestuit die benzine van een passerende truck hadden gestolen en hebben in onze auto daar dus een flinke discussie en stukje autoriteit van onder andere onze ranger gezien die ze dwongen dat terug te geven. Martijn hebben we daarna gedropt bij een lodge waar die even goed in kon bijkomen en zijn zelf weer naar de campsite gaan eten en na alle wiskey en bier te hebben opgedronken als een blok in slaap gevallen (deze keer zonder leeuwen in de nacht) 

Er zijn daarna nog wat avontuurlijke dingen gebeurd maar omdat ik nog maar 2 minuten heb ga ik het nu afsluiten en die vertel ik de volgende keer wel! Mijn avontuur dat ik zocht heb ik ieder geval gevonden. 

En nu douchen! 

We go, we go, Uganda Cranes we go!

5 juni 2011

Het was hier in Uganda al een tijdje aan het sudderen want er zat een kwalificatieronde voor de Africa Cup aan te komen die hier in het Mandela Stadion zou worden uitgespeeld. En ik had ook kaarten! VIP-kaarten zelfs (10 euro). Het stadion bood plaats aan 45.000 mensen maar was flink uitverkocht dus dat zullen er wel 50.000 zijn geweest want elk stukje ruimte werd bezet (waar wij later inderdaad ook achterkwamen) 

De Ugandeze yel: we goooo, we go, uganda cranes we go! hadden we al snel onder de knie en met ons knalgele voetbalshirtjes hadden we veel waardering onder de bevolking wat weer tot veel leuke gesprekken leidde. Voor mij was het uberhaupt de allereerste voetbalwedstrijd in een stadion dus ik had er veel zin in! 

Daar aangekomen na 2 uur in de file te hebben gestaan kwamen we er achter dat het wel enorm druk was maar we hadden gelukkig VIP-kaarten (dachten we) dus gingen vol geduld in de rij staan. Enorm veel leger en politie op de been maar ook zij hadden zin in de wedstrijd dus in een goede bui. 

Toen we uiteindelijk binnen het stadion kwamen was het wel onduidelijk waar de vip-plekken waren en werden overal naartoe gestuurd terwijl het eigenlijk allemaal al bomvol zat (klimmende afrikanen langs de trappen om een plekje te vinden) dus we zouden waarschijnlijk de hele wedstrijd niet eens te zien krijgen. We besloten het maar op het drinken te zetten wat ook zeker leuk was. 

Maar toen kwam er na 15 minuten een legerofficier op ons af (waarschijnlijk omdat we blank waren) die ons naar een plek op de begane grond bracht om daar naar binnen te komen. Helaas was er wel net een akkefietje toen we er in wilden en daar werd ook traangas bij gebruikt. Dus een paar van ons waren tijdelijk uitgeschakeld maar met flink wat water werden de ogen uiteindelijk weer schoon gewassen. Toen we eenmaal binnen waren zagen we pas hoe groot het stadion was en hoeveel mensen er in zaten! 

Het is uiteindelijk 2 – 0 voor Uganda geworden wat eindigde in een enorm feest, in het stadion maar ook zeker daarbuiten. Overal kwamen uit de sloppenwijken mensen en kinderen langs de weg staan om ons (de feestende toeschouwers) toe te zwaaien en mee te dansen! 

We hebben die avond nog heel lekker gegeten en zijn uitgegaan in de Iguana (de feestplek van Uganda) waar Martijn zijn eerste liefde heeft gevonden 😛 

Nu zijn we het stedelijke Uganda wel heel erg zat dus morgen ochtend gaan wij met onze eigen auto de natuur en de wildernis van Afrika tegemoet. En de ouders en bezorgden zullen er misschien een beetje van schrikken, maar we gaan naar het Noorden! Buitenlandse zaken raad het dan wel af maar hier zeggen dat er totaal geen problemen meer zijn en het juist heel erg mooi is omdat er geen toerisme is, dus we zullen zien! 

Op naar het avontuur 🙂 

Laatste week Kampala

3 juni 2011

Na een een hoop avonturen achter elkaar heb ik deze week eens even een soort van balansdagje gehad. Dat lag misschien ook vooral aan het kapot zijn van de bush, de malaria (zie verder in het verslag) en de zeer weinige uren slaap maar ik heb het ieder geval iets rustiger aan gedaan. 

Ik begin waar vorig verslag eindigde, namelijk de dag nadat ik uit de BUSH was en een enorme kater had. De vijf dagen na de bush was er namelijk een groep van 15 mbo-leerlingen uit Helmond met begeleiders waarvan er een op de eerste nacht in coma op ons terras heeft liggen slapen. Ze gingen elke nacht ongeveer 4 uur naar bed moesten vaak rond 8 of 9 uur weer op waardoor ik (en alle andere bewoners) niet erg veel slaap kregen. Ik sliep ook nog eens met ze op de dorm (12 slaapplaatsen) en besloot na de eerste dag me maar gewoon aan te passen en mee te gaan met al het uitgaan. Dat was wel heel erg leuk maar ook zeker enigzins vermoeiend. 

Want daarnaast heb ik enkele dagen na de BUSH ook de voorverschijnselen van malaria gehad. Hoofdpijn, misselijk afwisselend met koorts. Maar na advies van de mensen hier en de medewerkers om 2 dagen een dubbele dosis te nemen is dat gelukkig niet uitgebroken. Dat stelde dus eigenlijk ook niets voor! 

Wat ik wel nog heel leuk vond tijdens het uitgaan was dat er een Afrikaanse danser naar me toe kwam om te zeggen dat ik net als een Afrikaan danste en goed ritmegevoel had (ik was wel dronken dus ja dat zegt iets) maar dat vond ik toch zeker een mooi compliment. 

Ik ben met een nieuwe Nederlandse jongen later in de week weer naar de Jungle gegaan, deze keer eentje zonder veel gevaarlijke dieren en alleen overdag. Wel echt een super mooie natuur en precies volgens de plaatjes en de films (ik was helaas wel mijn camera vergeten). Daar zijn we ook nog in een dorpje naast de jungle beland waar velen nog niet zo vaak een mzungu hadden gezien en dus om ons heen danste en rende wat een heel leuk gezicht was! 

Ook is Martijn aangekomen! dus gaan we binnenkort (waarschijnlijk maandag) echt op avontuur met onze eigen auto! 

Maar het enige leuke verhaal was dat ik vandaag weer op de Uganda Christian University ben gweest waar ik een stuk of 80 pennen vanuit NL (bedankt mam) zou overhandigen als promotiemateriaal. En natuurlijk is dat weer geëscaleerd 😛 Zij hadden namelijk in de tussentijd niet stilgezeten en het daar op de universiteit maar ook via via flink gepromoot. Vanochtend hadden ze een meeting met 140 aanwezigen wat een redelijk succes was (volgens de twee andere oprichters) en ze waren er van overtuigd dat we het zo snel mogelijk officiel moesten oprichten. Ik ben nog uitgenodigd voor een paar belangrijke gesprekken zoals met de hoofd van de universiteit, mensen van het ministerie van onderwijs, ontwikkeling etc en directeurs van andere NGO’s die met ons in een partnership willen. Daarnaast moet ik dus ook met mijn CV naar de regering omdat ik een van de oprichters ben. 

Dus nu kom ik Nederland eigenlijk terug met een zelf opgezette NGO die enorm snel aan het groeien is en waarvan wordt verwacht dat het al snel op internationaal niveau een rol gaat spelen 😛

De BUSH

28 mei 2011

Zoals sommige wisten wilde ik dezer dagen ook erg graag gewoon de jungle/bush intrekken met een flinke machete en daar te proberen overleven. Alhoewel dat door elke Ugandees hier werd afgeraden omdat het te gevaarlijk was ben ik uiteindelijk gewoon gegaan, en heb het ook nog eens overleefd! Daarnaast heb ik zelfs foto’s 🙂 

Hier in Afrika begon het allemaal met de vraag aan elke lokale medewerker hier of die wel eens in de bush was getrokken, of iemand kende. Na die werd ik dan verbijsterd aangestaard en het antwoord; natuurlijk niet! 

Toch was ik vastbesloten een nieuw avontuur op te zoeken en deze keer een serieuze (gevaarlijk dus) dus begon aan mijn voorbereidingen. M’n laatste muesli repen verzameld, ingeblikt eten gekocht, mijn camelbag zo vol mogelijk en voldoende reserves water ingeslagen, machete gekocht op de markt (2 euro), touw etc. Mijn chauffeur wilde me eigenlijk niet brengen omdat ze verantwoordelijk voor me waren en de plek (Mabira Forest) bekend staat om zijn vele giftige slangen en rovers die er schuilhouden. Na veel gepraat en de belofte dat ik een gids zou inhuren voor de eerste uren en dat ik het in Nederland al tientallen keren had gedaan was hij uiteindelijk bereid me te brengen. 

Tijdens de anderhalf uur durende rit nog mijn machete ergens zo scherp mogelijk laten slijpen en toen werd ik bij mijn gids gedropt. Hele aardige man maar ook hij raadde het me sterk af vanwege de rovers en er een aantal jaren geleden iemand was overleden met hetzelfde plan. Daarop beloofde ik niet te ver in de jungle te trekken en hem zou bellen als er problemen zouden voordoen, maar stond er nog steeds op mijn gewaagde plan uit te voeren. Met hem heb ik nog een aantal uur rondgelopen in de jungle en veel apen, maar ook zelfs al slangen gezien (waaronder een spugende cobra!). We zijn daarna teruggelopen naar de beginplaats om mijn spullen op te halen en hij heeft me toen ergens in de jungle naast een pad gedropt waar we afspraken dat ik niet verder dan 20 meter van dat pad zou overnachten. Hij verliet me uiteindelijk met de woorden, Good luck, you are a very brave man! (wat ik heel leuk vond) 

Alleen was het toen al half 6, en 7 uur is het hier in Afrika pikdonker, dus ik moest als een malle aan de slag! Ik kon niet op de grond slapen vanwege de slangen en insecten dus moest een geïmproviseerd bed in elkaar pionieren (knopen), en daarnaast nog veel belangrijker, ik had vuur nodig! Eerst dus als een malle rond gerend voor brandhout, toen met mijn machete jonge sterke boompjes omhakken voor stevige ‘palen’ waarna ik direct begon met de eerste driepoten en verbindingen voor het donker werd. Het begon al te schemeren toen ik eindelijk aan mijn vuur kon beginnen begon het zelfs al te regenen. Ik heb uiteindelijk met al mijn scoutingskills een vlammetje aangekregen met houtschilfers maar omdat het die middag ookal had geregend was al het hout nat. In mijn combat uberlebingspakket zat een waxine lichtje en die heeft mijn nacht gered omdat het als enige aan bleef en zo langzamerhand andere kleine takjes wist aan te steken. 

Maar.. Ondertussen ging het ook steeds harder regenen, en voor wie nog nooit in Afrika, of überhaupt een regenwoud is geweest, dat is niet zomaar regen, maar echt keihard gieten, alsof de hemel al zijn regen er zo snel mogelijk uit wil persen. Ik dus nog harder mijn best doen, blijven blazen bij het vuur om het aan te wakkeren. Heel erg moeizaam bleef het aan maar na een uur non-stop bezig zijn geweest mijn vuur te beschermen en aan te wakkeren brandde hij uit zichzelf zonder mijn hulp. De enige andere keer dat ik mij zo intens gelukkig heb gevoeld was tijdens het doelpunt van NL tegen Brazilië in het WK van vorig jaar, maar dat geeft wel redelijk aan hoe ik mij toen voelde. 

Ikzelf was al helemaal doorweekt ondanks mijn regenjas en poncho maar de adrealine en angst voor het uitgaan van het vuur deed er voor zorgen dat ik dat toen nog helemaal niet doorhad. Het is ook nog keihard gaan onweren (is hier standaard bij elke regenbui) maar het vuur werd ook steeds groter en ik bleef rennend hout verzamelen terwijl ik maniakaal ‘het is stil aan de overkant’ aan het fluiten was. Even voor de picture: stel je dus een situatie voor dat er in midden in het regenwoud waar het keihard aan het onweren is en regen naar beneden stort een of andere doorweekte gek rondrennend met zijn machete voor nieuw brandhout maniakaal keihard fluitend en zingend bezig is zijn vuur aan te houden. 

Nadat de eerste regenbui eindelijk was opgehouden was ik kapot en begon dus zo snel mogelijk met het geïmproviseerde bed en het hangen van de klamboe erboven. Dat ging nog verbazend goed en ben toen ook direct na veel dikke stammen op het vuur te hebben gegooid gaan slapen. 

Na ongeveer 1.5 wakker schrok ik opeens wakker van een grommend geluid vlak naast mijn slaapplaats. Het vuur was veranderd in een hoop kolen die nauwelijks licht gaf en ik moet toegeven dat ik hem toen wel even zat te knijpen. Heel stil en langzaam mijn zakmes opengeklapt, klaar voor de verdediging, ook heel langzaam mijn camera gepakt want ik wilde wel een foto maken (ik dacht namelijk dat het een luipaard was) en nog veel langzamer, stil en totaal geconcentreerd mijn slaapplek uitgekropen tot bij de rand. Waar ik toen met een ruk uitkwam en direct een foto maakte richting het geluid en in de andere hand mijn mes klaar. Helaas was er niks meer te bekennen en het geluid was opgehouden, dus zo snel mogelijk weer het vuur aan gaan maken. 

Net voor ik weer wilde gaan slapen begon het weer te regenen dus van slapen kwam niet zoveel. Helaas voor mij heeft het die nacht nog 4 keer geregend dus heb daarna nog maximaal een uurtje kunnen slapen, ondanks dat het geluid nog vaker naast mijn slaapplek te bekennen was, was ik die keren daarna te moe om nog bang te zijn en liet het allemaal maar gebeuren. Ben nog nooit zo blij geweest toen het licht werd waar ik wat noodles heb gekookt en vond het toen wel welletjes om weer terug te gaan. 

De hele 2 kilometer teruglopen naar de beginplek was ook geen makkie met de volle (natte) bagage maar had ieder geval wel veel bekijks 😛 Een mzungu onder de modder, stinkend naar rook, nog steeds met doorweekte kleren, machete in de hand, je kunt het wel voorstellen. Daar aangekomen werd ik door de shift van die dag ook vol ontzag aangekeken en nogmaals het compliment van een very brave man gehad toen ik naar huis ben getrokken en daar uiteindelijk na een vermoeiende rit in een hele diepe slaap viel! Ik ben diezelfde dag/nacht gaan flink gaan stappen met nieuw aangekomen Nederlanders waardoor ik nu een ontzettende kater heb maar dat is een ander verhaal! 

Slechte boda boda driver, studenten en mr. Erik

25 mei 2011

Ik was van plan pas weer over een tijd een nieuw reisverslag te schrijven maar gewoon weer te veel meegemaakt vandaag. De eerste foto’s komen binnen stromen dus er is al een voorproefje geüpload! 

Vandaag ik mijn laatste relaxte nacht op mijn dorm, want morgen komt er een school volgens mij dus alles is bezet en ik had maar voor een week gereserveerd. Ik ga dus fijn in de tv kamer slapen en dat betekend weinig slaap! Maar goed, zo dus een laatste nacht heerlijk slapen want ik ben kapot! 

Het begon allemaal vanmiddag, ik moest geld pinnen bij de hoofdlocatie van Stanbic bank (de enige bank waar ik kan pinnen) en ik had via het guesthouse een boda boda driver gekregen die uiteindelijk erg onervaren bleek. Toen ik namelijk terugkwam van het pinnen (in een keer iets van 250 euro voor de komende tijd) stond die een beetje beteuterd te kijken en was zijn boda boda nergens meer te bekennen. Dus een beetje gemompel van ja de politie heeft hem meegenomen, kom mee blabla. Nauja vooruit, want hij was van het guesthouse, maar ondertussen dacht ik wel van kut ik heb nu ENORM veel cash bij me en stel ik moet iemand overkopen dan is het niet verstandig dat ze dat zien. Maar ondertussen was het ook erg druk op straat en dan is het ook niet zo verstandig. Tijdens het lopen naar het politiestation dus snel iets van 50.000 in mijn ‘dagportemonnee’ weten te stoppen. 

Daarna geforceerd nonchalant binnen het politiestation gelopen (bewaakt door weer twee van die AK-47’s). Daar begonnen allerlei mannen heel boos tegen die boda boda driver te schreeuwen want blijkbaar is verkeerd parkeren (wat die dus had gedaan) een flinke overtreding. Die weer huilen en naar mij wijzen en verder huilen dus ik had niet echt een idee wat te doen. Maar weer geprobeerd met de ki kati, oliotya? Ze bleven gelukkig bij mij gewoon diplomatiek en aardig maar bleven wel tekeer gaan tegen die boda boda driver, want die was zijn motor sowieso kwijt. Uiteindelijk kwam ik dus tussenbeide en vroeg straight to the point hoeveel het zou kosten (hier kan alles met geld) wat me 50.000 shilling (17 euro) zou kosten voor een ritje van 10.000 shilling (+3 euro) waarna die boda boda driver weer ging huilen en ik op mijn beste mzungu-stijl probeerde te negoiaten. Na echt een half uur overleg werd het dan 20.000 en moest uiteindelijk nog 1000 betalen aan een politieagent die geen zin had het hek te openen. Toen ik wegliep kreeg ik wel nog een compliment (van een van die schreeuwende mannen) dat ik dat netjes had opgelost en de boda boda driver was eindelijk gestopt met huilen. 

Ondertussen botste die nog tegen zo’n 5 andere boda boda drivers aan, viel de motor een paar keer uit en ben ik maar gaan lopen, volgende keer regel ik mijn eigen boda boda driver ieder geval weer! 

Maar ik zou dus naar die student (Emmanuel) gaan die in Mokono studeerde. Het was de eerste keer alleen met de openbare taxi naar een ander stadje dus weer een nieuwe uitdaging. Uiteindelijk ging dat allemaal een stuk makkelijk dan ik had verwacht en stond ik voor een onwijs mooi gebied met chillende studenten waar ik werd opgewacht. Daar bleek Emmanuel Development te studeren (hey toevallig!) en was er ook nog eens president ofso (iemand die alles organiseerde) en zat samen met zijn vice-president een beetje te kletsen. 

Dat resulteerde ook direct in goede discussies over de ontwikkeling van Afrika en samenwerking tussen dat soort studenten toen ik het idee opperde om een internationale organisatie van ontwikkelings-studenten op te richten die zelfstandig bezig zou zijn met ontwikkelingshulp/onderzoek etc. en zij op de een of andere manier al vaag bezig waren met zo’n organisatie maar dan alleen binnen hun universiteit. Dus direct enorm enthousiast, werd direct meegenomen naar hun faculteit en hebben daar nog met echt tientallen andere development-studenten over zitten discussiëren (naast weer politiek, militaire problemen etc) waar ik opeens als een soort projectleider plannen zat te bespreken 😛 

Ben die dag nog naar een lezing geweest (ging over het nieuwe testament en niet heel interessant) waar het me wel echt ultiem studeren leek. Wel overdekt maar gewoon in de buitenlucht tussen allerlei vogeltjes en groen, en een professor die enorm enthousiast aan het vertellen was. Na wat gegeten te hebben (ik heb eindelijk de beroemde matoke gegeten!) zou ik een discussie-les meemaken. Daar wordt dan ik een klein groepje de lezing besproken en over gediscussieerd. 

Ook weer super interessant om daar bij te zijn, en een enorm enthousiaste leraar die mij als mzungu vooral een beetje zat te testen maar ik zat als toeschouwer wel echt te genieten hoe leuk die les was. Na een uur waren ze klaar en wilde ze eigenlijk weglopen. TOT DIE LERAAR OPEENS ZEI! 

Go back to your places, i nearly forgot it but Mr. Erik has a little speech about his organisation for you! Waar ik echt opschrok van kut! wat nu! dus ik met een redelijk rood hoofd voor een klas van 30 afrikaanse developmentstudenten (ik studeer nog niet eens) blijkbaar mijn idee over die nog niet bestaande organisatie moest gaan vertellen. Dus in het begin een beetje onhandig het idee vertellen van een NGO bestaande uit development-studenten vanuit de hele wereld die onafhankelijk te werk konden gaan om met de studenten en lokale investeerders ipv de regering aan de ontwikkeling van afrika te werken en ik mijzelf ging specialiseren in militaire problemen en dat via die president (en vice) het contact hier in uganda zou beginnen etc waarna ik gewoon een applaus kreeg en daarna nog werd bedankt door die leraar! Bizar! Maar het doel om hier alleen in contact te komen is momenteel redelijk geëscaleerd 😛 

Ik ga slapen want ik moet het even laten bekomen allemaal! Ciao 

Reisverslag Kampala, AK-47’s en Sunshine

23 mei 2011

Na weer een weekend lang in Kampala te zijn, en de avonturen die ik vandaag heb beleefd wordt het weer tijd deze online te zetten! Helaas nog steeds geen foto’s, ik heb ze er gister geprobeerd op te zetten maar werd geëlektrocuteerd toen ik het stekkertje in de computer wilde doen.

Ik heb de afgelopen dagen vooral veel sightseeing in de stad gedaan, waarbij ik zoveel mogelijk mensen heb aangesproken met Ki Kati (Hallo), Oli Otya (Hoe gaat het?) wat ze allemaal heel erg leuk vinden en dan vragen waar ik dat heb geleerd en hoelang ik al in Oeganda ben. Nadat ik iets heb gekregen, of ergens ben gebracht eindig ik ook altijd met Wabele Nyo (Heel erg bedankt) en dan Ssebo (sir) of Nnabo (m’am). Sinds kort voeg ik daar ook wel eens Siba Bulungi (Fijne dag nog) bij.

Ondertussen loop ik er een beetje bij zoals Danny Archer in Blood Diamonds (voor de kenners), en zo voel en gedraag ik mij ook wel. Lange lichtbruine afritsbroek, wit hemd, zwart overhemd, zonnebril en soms (sorry voor de ouders die ik nu erg laat schrikken maar anders is de picture gewoon niet compleet) een Afrikaanse sigaret. Als een mzungu die zijn zaakjes geregeld heeft en overal wat mensen kent.

Ik zorg er voor dat ik altijd muntjes van 200 shilling (ongeveer 8 eurocent) bij me heb en geef er ook altijd eentje aan elke zwerver of bedelaar die aan de kant zit waar ik vaak een flinke glimlach van de bedelaars voor terug krijg en een goedkeurende blik van de zakenmannen/vrouwen die langs lopen. Zo kwam het dus dat ik uiteindelijk dacht van fuck it, ik ga gewoon een praatje maken met een groepje politieagenten.

Nu zijn dat niet van die lulletjes daar in Nederland, maar grote gasten in blauwe camouflage-uniformen met ieder een AK-47 (daar heb ik er inmiddels echt honderden van gezien) die een beetje vijandig om zich heen kijken. Maar toen ik er dus weer een groepje (ongeveer 6) zag zitten waar ik toch langs zou lopen nam de roekeloosheid het over en zou ik als excuus vragen waar Garden City Shopping Mall (voor kenners zoals Anneke) ongeveer lag. Dus op mijn meest beleefde maar toch als zelfverzekerde mzungu begonnen met Ki Kati, Oli Otya (waar ze een beetje geïrriteerd van opkeken maar er een wel om moest lachen) dus vragen waar die shopping mall en was direct gevolgd met ‘smoke by the way?’ terwijl ik uitnodigend het pakje sigaretten (van 2 euro) ophield. Dat vonden ze allemaal wel een goed idee en zo begon een kort gesprek van ongeveer 3 minuten over of het druk was enzo. Uiteindelijk liep ik weg bedankend met Webae Nyo Ssebo! en werd daarbij lachend gegroet door 6 mannen met AK-47’s 😛 Ik kan nu nog steeds niet geloven dat ik het durfde maar ik voel me vandaag de hele dag al geweldig.

Daarnaast reis ik ook erg veel met de beruchte boda boda’s, waar je altijd een beetje mee moet afdingen en daarna een vaak spannende (maar zeker leuke!) rit krijgt door het ongeregelde verkeer in Kampala. De leukere stoppen echt voor niks en sneaken overal doorheen, waar je zelf wel dan voor moet oppassen dat je geen andere boda boda’s, auto’s, of personen raakt. Boda boda’s by the way zijn motortjes met een goede zitplek achterop.

Op verzoek van Anneke heb ik ook al een heerlijk pizza’tje bij Centenary Park gegeten waar ze de actie hebben dat als je een grote neemt je er een kleine gratis bijkrijgt (ik heb me dus nog nooit zo vol gegeten) waar ik na een fooi van 3000 shilling (1 euro) het nummer kreeg van de serveerster die me een keer mee uit wilde nemen 8) ik weet nog niet of ik dat ga doen maar het is denk ik wel een goede manier om in contact te komen met uitgaande studenten of sowieso te ervaren hoe uitgaan in Afrika is (zonder mzungu’s).

Daarnaast lig ik vaak tussen een uurtje of 4 en 7 (als het donker is) te chillen op ons dakterras met Afrikaanse soda’s, Afrikaanse biertjes, Florence and the Machine (met dank aan mijn broertje) en een goed boek (Shogun) dus ook al redelijk bruin aan het worden! En zo ziet mijn dagelijkse Kampala-leventje er dus eigenlijk uit.

Morgen ga ik op bezoek bij een Afrikaanse student (Emmanuel Wabwire) in Mukono (30 km naast Kampala) waar ik zelf alles een beetje moet uitzoeken hoe ik dat ga overleven met het openbaar vervoer, want moet via een taxi, boda boda en terugweg is nog helemaal een raadsel. Maar dat gaat wel loslopen 🙂